Miljoenen nieuwe woningen zitten al in onze gebouwen
Europa hoeft zijn woningtekort niet uitsluitend met nieuwbouw op te lossen. De studie van onder andere VELUX: The Housing We Need for the Future We Want, die past binnen het VELUX initiatief Re:Living, toont aan dat een aanzienlijk deel van de benodigde woonruimte mogelijk al aanwezig is in en op gebouwen die er nu staan. Door woningen slimmer te gebruiken, leegstaand vastgoed te transformeren, zolders te benutten en gebouwen uit te breiden of op te toppen, zouden tientallen miljoenen extra woningen kunnen ontstaan. Het dak speelt hier een belangrijke rol.
Met Re:Living richt VELUX de blik op de bestaande gebouwvoorraad als antwoord op het groeiende woningtekort in Europa. De gedachte is dat we niet alleen moeten kijken waar nieuwe woningen kunnen worden gebouwd, maar vooral welke woonruimte in bestaande gebouwen nog kan worden benut. De onderbouwing daarvoor komt uit het Green Paper The Housing We Need for the Future We Want. Voor dit onderzoek analyseerden BPIE, VELUX, RISE, Artelia en No Objectives meer dan 10.000 gebouwtypen die samen representatief zijn voor de Europese gebouwvoorraad. De onderzoekers bekeken negen manieren om bestaande gebouwen beter te benutten en brachten daarvan niet alleen het woningpotentieel, maar ook de gevolgen voor CO₂-uitstoot en materiaalgebruik in kaart. De uitkomst zet de woningbouwopgave in een ander perspectief. Volgens de analyse kunnen door renovatie, transformatie, uitbreiding en een betere benutting van bestaande
gebouwen 50 tot 107 miljoen extra woningen beschikbaar komen. In het meest vergaande scenario zou daarmee woonruimte voor 115 tot 246 miljoen mensen ontstaan.
EERST KIJKEN WAT ER AL STAAT
Het grootste deel van de gebouwen waarin Europeanen straks in 2050 wonen en werken, staat er nu al. Naar verwachting is ongeveer 85 procent van de huidige gebouwvoorraad dan nog steeds in gebruik. De opstellers stellen dat wie de klimaat- én woningbouwopgave wil oplossen, niet om die voorraad heen kan. Leegstaande woningen kunnen opnieuw worden gebruikt, kantoren getransformeerd, grote woningen kunnen worden gesplitst en onderbenutte vierkante meters kunnen een nieuwe functie krijgen. Waar binnen het bestaande volume onvoldoende ruimte beschikbaar is, kunnen gebouwen worden uitgebreid.
WONEN ONDER EN BOVEN HET DAK
In veel gebouwen bevindt zich direct onder het dak ruimte die niet of slechts beperkt wordt gebruikt. Een zolder die oorspronkelijk als berging is ontworpen, kan onder de juiste omstandigheden woonruimte worden. Dat vraagt niet alleen om isolatie, maar ook om voldoende daglicht, ventilatie, brandveiligheid, bereikbaarheid en thermisch comfort. Het dak is dan letterlijk onderdeel van de woningbouwopgave. Dat maakt renovatie in de analyse vaak aantrekkelijker dan vervangende nieuwbouw. Uitbreiden vraagt wel nieuwe materialen, maar bouwt voort op wat aanwezig is. Nieuwbouw komt daarom pas als derde mogelijkheid in beeld. Volgens de berekeningen kan een betere benutting van de Europese gebouwvoorraad over een periode van vijftig jaar bovendien een vermindering van 3,9 tot 19 miljard ton CO₂-equivalent opleveren, afhankelijk van de gekozen scenario’s. Ook biodiversiteit speelt mee. Iedere nieuwe hoeveelheid staal, beton, hout of isolatiemateriaal vraagt ergens om grondstoffen, energie en ruimte. Minder materiaal gebruiken betekent daardoor ook minder druk op ecosystemen. Een volgende stap in de creatie van meer woonruimte is bouwen boven het bestaande dak. Optoppen voegt woningen toe zonder nieuwe bouwgrond in beslag te nemen. Bovendien kunnen bestaande infrastructuur, voorzieningen en ontsluitingen worden benut. Vooral lichte prefabconstructies zijn daarbij interessant omdat de bestaande draagconstructie zo min mogelijk extra wordt belast. Het Green Paper beschouwt dergelijke uitbreidingen als onderdeel van een bredere volgorde van ingrepen: benut eerst beter wat aanwezig is, breid vervolgens bestaande gebouwen uit en kies pas daarna voor nieuwbouw wanneer dat noodzakelijk is.
NIET ALLEEN REKENEN MET CO₂
Daarmee raakt het onderzoek aan een tweede discussie. Een duurzaam gebouw wordt nog vaak vooral beoordeeld op energiegebruik en CO₂-uitstoot. Maar slopen en opnieuw bouwen betekent ook dat grote hoeveelheden materiaal verloren gaan en nieuwe grondstoffen nodig zijn. In bestaande muren, vloeren, funderingen en daken zit bovendien al een aanzienlijke hoeveelheid energie, grondstoffen en CO₂ ‘opgeslagen’. Door deze constructies te behouden, blijft die investering benut.
DAKRENOVATIE KRIJGT EEN ANDERE BETEKENIS
Voor de dakensector levert dat een interessante verschuiving op. Dakrenovatie wordt binnen deze gedachtegang meer dan het vervangen van dakbedekking of het verbeteren van de isolatiewaarde. Bij iedere ingreep zou de vraag gesteld moeten worden welke aanvullende waarde het dak aan een gebouw kan toevoegen.
VAN LIVING PLACES NAAR RE:LIVING
Re:Living bouwt voort op Living Places, het experiment waarmee VELUX samen met EFFEKT en Artelia in 2023 in Kopenhagen zeven prototypes realiseerde, waaronder twee volledig bewoonbare modelwoningen. Met bestaande materialen en technieken werd aangetoond dat nieuwbouwwoningen een sterk gereduceerde CO₂-voetafdruk kunnen combineren met een uitstekend binnen klimaat. Met Re:Living verschuift de aandacht van nieuwbouw naar de veel grotere opgave: de bestaande gebouwvoorraad. Niet alleen de vraag hoe we beter kunnen bouwen staat centraal, maar vooral hoe we beter kunnen benutten wat er al staat.
“Welke aanvullende waarde kan het dak aan het gebouw toevoegen?” Kan een ongebruikte zolder woonruimte worden? Kan het dak worden verhoogd? Is de constructie geschikt om een extra verdieping te dragen? Kunnen bij de renovatie daglicht en ventilatie worden toegevoegd? Kan een plat dak plaatsmaken voor een lichte prefab dakopbouw? En kunnen materialen uit het bestaande dak worden behouden of opnieuw worden gebruikt? Dat vraagt ook om een bredere blik van dakdekker, architect, constructeur en gebouweigenaar. Een dak dat technisch aan vervanging toe is, kan tegelijkertijd het moment zijn om de toekomstige mogelijkheden van het hele gebouw te onderzoeken.
NIEUWBOUW ALS LAATSTE STAP
Het Green Paper zegt niet dat Europa geen nieuwe woningen meer hoeft te bouwen. Regionale woningtekorten, bevolkingsgroei en veranderende woonwensen blijven nieuwbouw noodzakelijk maken. De onderzoekers stellen een andere volgorde voor: Benut en renoveer eerst wat er al staat, breid bestaande gebouwen uit waar dat nodig is en beschouw nieuwbouw als laatste optie. Het dak vormt niet langer alleen de afsluiting van een gebouw, maar kan ruimte bieden voor uitbreiding, energie, daglicht en een beter binnenklimaat.