Bureau Controle Registratie Gelijkwaardigheid
Een gesprek met Kees Arkesteijn, de directeur van de stichting BCRG
We hebben er allemaal mee te maken: regelgeving, voorschriften, wetgeving, normen, verklaringen, certificaten, berekeningen, goedkeuringen en wat al niet meer. Bouwers en ondernemers zuchten en steunen geregeld onder de ‘regeldruk’. Maar .... een ‘eerlijke markt’ waar ondernemers en afnemers op terug kunnen vallen als het fout gaat, kan niet zonder regels. Daarmee is het niet altijd makkelijk en het is dan goed nieuws dat ook daaraan wordt gewerkt.
Kees Arkesteijn is iemand die zo’n beetje zijn hele werkzame leven bezig is met metingen, normen, rekenmodellen, opnameprotocollen en kwaliteitsborging. Rond 2009 werd Arkesteijn, toen werkzaam bij ISSO, gevraagd om met zijn brede kennis lijn te brengen in de verklaringen van producten en systemen die gebruikt werden voor de berekening van de Energieprestaties van gebouwen. Alleen met correcte data is immers een betrouwbare berekening te maken. Hij stelde daarom een college met onafhankelijke deskundigen samen om de verklaringen en onderbouwingen van de verklaringen onafhankelijk te toetsen. Het ging dan om verklaringen van fabrikanten en leveranciers en door andere partijen opgestelde verklaringen van producten/ systemen, waarmee energie bespaard kan worden in gebouwen.
ISSO betrok het Nederlands Normalisatie-instituut (NEN) hierbij. Het College van Gelijkwaardige Energieprestatie (CGE) bestond op dat moment uit zeven onafhankelijke deskundigen. De instelling van een college was een juiste beslissing; naar oordeel van het college bleek dat slechts 40% van de bestaandeverklaringen voldoende was onderbouwd (!). Om een zelfstandig bestaan te waarborgen, richtte ISSO met steun van de overheid in 2014 het Bureau CRG op, dat later werd ondergebracht in een stichting waar Arkesteijn de directeur van is geworden.
Wat is de betekenis van de Databank voor leveranciers en uitvoerende bedrijven? Arkesteijn: “Een opname van een gecontroleerde verklaring van een product/ systeem in de BCRG-databank geeft vertrouwen aan de vastgoedeigenaren, BWT en EP-adviseurs. De databank is online gratis door iedereen altijd te checken (www. bcrg.nl). De verklaringen van producten en systemen zijn inhoudelijk beoordeeld op onderbouwing van de claims en toepasbaarheid binnen de geldende systematiek/normen. Het maakt voor gebruikers/ afnemers de markt transparanter omdat er voor iedereen een gelijk speelveld is.” Op de vraag of de databank veel wordt geraadpleegd, vertelt Arkesteijn: “In 2025 zijn in de databank meer dan 400.000 gecontroleerde verklaringen geraadpleegddoor bezoekers. In de databank staan rond 2800 verklaringen van producten/systemen. Een aantal verklaringen wordt honderden keren in een jaar bekeken. We zien dat zowel de raadplegingen als de aanvragen voor opname in de databank toenemen. Ook het gegeven dat de databank niet langer alleen voor energieprestaties geraadpleegd kan worden, maar ook voor verklaringen aangaande brandveiligheid, installatiegeluid en fabrikant eigen verklaringen geeft aan dat de databank in een behoefte voorziet.”
Er is leveranciers en fabrikanten veel aan gelegen om op basis van gecontroleerde verklaringen te worden geselecteerd. Hoe zit dat juridisch? Arkesteijn: “Het is aan adviseurs en aanbieders om vast te stellen onder welke voorwaarden het gekozen merk of materiaal de opgegeven prestaties levert. Wanneer een verklaring in de databank is opgenomen, vrijwaart dat partijen niet van aansprakelijkheid of schade door verkeerde toepassing. We controleren of de verklaring conform de regels en de normen zijn opgesteld, voldoen aan de verwerkingsvoorschriften van de fabrikant/leverancier en de vermelde waarden (prestaties) daarmee overeenstemmen.”
Innovatie en ontwikkelingen gaan altijd voor de normeringen uit. Biedt de databank mogelijkheden om ook verklaringen van nieuwe innovatieve producten op te nemen? Arkesteijn: “In de databank zijn verklaringen opgenomen van innovatieproducten/systemen die niet 1-op-1 onder een norm vallen, maar waarvan de prestaties wel gemeten en beoordeeld kunnen worden. De databank zorgt dan voor een brede acceptatie van deze innovatieve producten bij de vastgoedeigenaren. Het zorgt er dan voor dat deze nieuwe producten en up-to-date ontwikkelingen in het bouwproces kunnenworden meegenomen. Een goed voorbeeld daarvan zijn PVT-systemen, bio-based materialen maar inmiddels ook brandveiligheidsproducten.”
JARENLANGE ERVARING MET NORMEN, BORGING EN REKENMODELLEN
Kees Arkesteijn begon in de jaren ‘80 van de vorige eeuw bij TNO, waar hij zich bezighield met metingen en rekenmodellen, en maakte gaandeweg kennis met normen, kwaliteitsborging, de totstandkoming ervan en de toepassingen. Met de invoering van de EPC-berekening in 1992 nam het belang van de energieprestatierekenmodellen toe. Wanneer de te behalen prestaties van installaties en gebouwen in normen worden vastgelegd, dan worden in de ontwerpfase rekenmodellen gebruikt om aan te tonen dat het ontwerp aan de normen en wettelijke eisen voldoet. Bekende voorbeelden waar bouwers mee te maken krijgen, zijn bijvoorbeeld weerstand tegen windbelasting en energiezuinigheid.
Bij Europees besluit werd in 2002 het energiegebruik van gebouwen ook gelabeld. Sinds 2009 is het verplicht. De vereniging Bouw en Woningtoezicht (BWT) zag in die tijd dat haar leden bij de aanvraag van een bouwvergunning bij de EPC-berekening steeds meer verklaringen kregen van producten of systemen die mogelijk niet overeenstemden met de norm.“We starten in juni met het eerste project.”
Meer informatie: https://buildingbalance.eu/dak/